
- Veelzijdig
- Krachtig
- Uithoudingsvermogen
- Sober
- Werkwillig
- Gezond
- Vruchtbaar
Het ras
Het Norikerpaard is een robuust, krachtig, wendbaar koudbloedpaard uit Oostenrijk dat uitmunt in betrouwbaarheid en werklust.
De Noriker is een echt veelzijdigheidspaard. Of het nu gaat om rijden onder het zadel, aangespannen rijden, zwaar trekwerk op het land of in het bos, wedstrijden of recreatief, ze staan voor je klaar.
In Oostenrijk moeten alle hengsten en merries voor stamboekopname zijn of haar werkwilligheid tonen in het landbouwwerk.
Historie
Het ras is ontstaan uit kleine, stevige keltenponies die werden gekruist met de zware romeinse hengsten nadat Romeinse legioenen in ongeveer 16 voor Christus de Alpen overtrokken en het Keltische koninkrijkje Noricum veroverden.
In de tijd van Karel de Grote werd dit krachtige taaie bergras gebruikt als rijpaard voor de zwaar gepantserde ridders.
De bisschoppen van Salzburg hebben door de eeuwen heen hun best gedaan om dit ras zuiver te fokken.
Rasbeschrijving
De moderne Noriker is een goed middelzwaar, diep, breed, “rumpfig”, stapzeker bergpaard met een diepgelegen middelpunt en goede evenwichtszin. Het heeft een stokmaat van 150-160 cm. met uitschieters tot 165 cm. en ze hebben een gewicht tussen de 600 en 700 kg. Ze hebben een hals met een dubbele manenkam, een goede verbinding tussen een sterke voorhand met een schuine gespierde schouder en duidelijke schoft, een korte krachtige elastische rug met sterke lendenen, een gespierde “gespleten” achterhand, krachtig droog beenwerk met weinig behang en een weelderige staart. Het hoofd moet droog zijn met een goede opmerkzame blik, typisch en van pittige adel. Hun gang is makkelijk en ruim, hun temperament levendig maar goedmoedig. De laatste jaren is men een wat luxer type gaan fokken, een paard met wat meer houding, zonder aan massa in te boeten. Het vaak wat zware ramshoofd wijst op de Andalusische voorouders.
Alle kleuren komen voor: bruin, zwart, (zweet)vos, tiger, blauwschimmel, moorkop en de zeldzamere platen bonte.